zondag 11 mei 2008

Terugreis, Singapore







Zondag 11 mei.

Vanmorgen na een zeer vroeg ontbijt vertrokken richting luchthaven van Denpasar. Bij het inchecken horen we dat we 40 minuten vertraging hebben. Boven Singapore zijn er oefeingen voor de airdefence aan de gang, dus kunnen we daar kunnen we niet voor 12.oo uur landen.
Om 12.10 landen we in Singapore, en nemen daarna de bus naar de stad. Hier bezoeken we Chinatown. Hierna stappen we weer in de hopp on bus en gaan weer terug naar het vliegveld. We gaan niet meer verder de stad in want Delano is niet lekker, heeft hoofdpijn en koorts.
Op het vliegveld gaat hij nog wel even voor mama tax free shoppen, hij koopt een heerlijke fles Euphoria van Calvin Klein, alleen de fles met zijn briljantjes is al geweldig.
Het is hier nu 21.35 uur en we gaan onderhand onderweg naar Terminal 3 vanwaar we vertrekken.
Als het goed is vertrekt onze vlucht naar Londen hier om 23.30 uur, we gaan hier 14 uur over vliegen.
Hoop maar dat Delano zich iets beter gaat voelen en dat we allemaal goed kunnen slapen aan boord.

Als ik het volgende bericht typ zijn we ook weer aan jullie kant van deze aardbol.

Tot snel, groetjes en een dikke kus.

Linda, Leo & Hennie, Delano en Marjo

zaterdag 10 mei 2008

Hoge golven in Seminyak








Zaterdag 10 mei.




Vanmorgen na een uitgebreid ontbijt met fruit, juice, toast croissants en een koffiebroodje zijn we ons gaan omkleden en lopen ongeveer een 20 minuten voordat we bij het strand zijn.
Daar gaan we in het zand ziten maar worden even later vriendelijk verzocht om een stukje verder te gaan zitten. Er komen namelijk mensen offeren op het strand. Wij vinden dit zelf ook een beetje ongepast en gaan 50 meter verderop zitten.
Delano gaat meteen aan de slag met zijn vlieger. Wij blijven ook niet te lang zitten want ook hier wordt je gek van alle verkopers. We gaan de zee in en proberen te blijven staan in de hoge golven, dat valt niet mee. De golven zijn mega en ook de onderstroom is sterk. Soms laten we ons door de golven naar het strand gooien en soms duiken we door de bruisende golven heen.
Als we het water uit gaan zit onze zwemkleding voor met dat schurende zand. Aangekomen op het strand proberen we nog even te gaan zitten maar de golven komen steeds hoger. Dus dan moet je heel snel je spullen oppakken en je tas in de lucht houden en een stukje verder gaan zitten.
Marjo, oma en Delano gaan op een gegeven moment terug naar het hotel en pa en ik lopen nog een stuk verder over het strand. We willen even zien waar pa en ma hebben gelogeerd toen ze hier zo'n 15 jaar geleden ook waren. Later blijkt dat dit veel te ver lopen is en we nemen dan ook maar een pad tussen 2 hotels in om naar de weg te lopen. Hadden we dat maar niet gedaan.
We verdwalen behoorlijk en slim genoeg weten we ook de naam van ons hotel niet meer. We sturen een sms naar Marjo, maar die wordt juist gemasseerd en laa haar nagels mooi lakken. Twee uur later neemt Delano gelukkig zijn telefoon op als ik hem bel en dan weten we de naam van ons hotel en kunnen een taxi nemen. Om half vier komen wij er aan. Allebei goed versleten nemen we een plons in het zwembad en daarna een lekkere kop koffie.
We hadden nog het plan om naar Tanah Lot te gaan, maar we zijn helemaal op.
We gaan maar even lekker bijkomen en rond een uur of 6 zoeken we een restaurant op. We komen terecht bij de Half Moon. De entree stelt niets voor maar als we bij de tafels in de achtertuin gelegen naast een klein rijstveld komen ziet het er hier heel mooi en sfeervol uit. Het eten is ook voortreffelijk.
We hebben en mooie en gezellige afsluiting op Bali.
Helaas is Delano niet zo lekker, heeft last van hoofdpijn en diarree. We gaan bijtijds naar het hotel en zetten de koffers vasr klaar voor morgen.
We moeten al om 06.30 uur aan het ontbijt zitten, want een half uur later worden we al wer opgehaald om naar het vliegveld te gaan.

Seminyak

Vrijdag 9 mei.

Vanmorgen in het Bali Mandira wakker geworden en na een heerlijke douche naar het ontbijtbuffet gegaan. Het buffet is zeer uitgebreid en we eten dan ook uitgebreid. Vooral de kleine cake-jes met chocolade smaken heerlijk. Na het ontbijt gaan we even onze email lezen, Ramatours heeft namelijk de bevestiging van de reservering van het volgende hotel per email gestuurd.
We bellen even naar de Balinese reisagent en spreken af dat er om 11.00 uur een chauffeur bij de lobby klaar staat.
Pa en Delano gaan nog even de zee in om te stoeien met de mega hoge golven die hier het strand op rollen. Er is een supervervelende lifeguard die hen op een gegeven moment wegstuurd op een zeer onvriendelijke manier. Wekonden hem niet aan het verstand brengen dat we helemaal niet gingen zwemmen, ze wilden alleen maar even langs het strand lopen.
Dan maar aankleden en uitchecken. De chauffeur brengt ons naar het iets noordelijker gelegen Seminyak waar we de komende 2 nachten gaan logeren in het Mutiara Bali Boutique Resort. Hier aangekomen zijn we meteen al blij met de kleinschalige opzet van dit hotel. We worden vriendelijk ontvangen met een welkomstdrankje en even later naar de kamers gebracht. Pa en ma hebben een mooie kamer met jacuzzi in de openlucht badkamer die groter is dan mijn huiskamer thuis. Als ze van de verande afstappen hoeven ze maar 4 meter te lopen tot aan het zwembad.
Marjo, Delano en ik hebben een mooie kamer op de eerste etage met een gezellig balkon. De mega grote fateuil die er op staat zou ik zo mee naar huis willen nemen.
We nemen lekker een duik in het heerlijke zwembad en gaan in het restaurantje van het hotel lunchen.
Na het eten gaan pa en Delano naar zee om te vliegeren en in de hoge golven te springen. De dames nemen een taxi naar Kuta om te gaan shoppen. De sfeer in de winkelstraatjes begint op Turkije te lijken. Mensen die je aan je arm trekken om hun winkel in te komen. De opmerking: "Kijken, kijken, niet kopen", horen we heel vaak. Als we de verkopers vriendelijk vertelden dat we in hun winkel niets wilden kopen kreeg je soms gewoon een rotopmerking naar je hoofd. Dit heeft echt niets meer met Indonesie te maken. Ma heeft op een gegeven moment het geweldige idee om even ergens iets te gaan drinken, met een Bali-Cooler (soort breezer) komen we helemaal bij. We winkelen hierna nog een uurtje en nemen dan een taxi terug naar het hotel.
's Avonds gaan we Seminyak in en zoeken een gezellig restaurant op waar we een heerlijke maaltijd voorgezet krijgen.
Nadat we weer terug zijn in ons hotel ga ik even de blog bijwerken en even p msn, hier hebben we gratis draadloos internet.

Legian




Donderdag 8 mei.

Na het ontbijt in Aditya Resort laat ik mijn visitekaartje achter bij de receptie. Ik ben hier gisteren een gouden oorbel verloren, vindt het erg jammer, was namelijk het eerste moederdagcadeau van Delano 10 jaar geleden.
Sri staat op ons te wachten samen met de chauffeur en om 09.10 uur gaan we op weg. We rijden eerst door Lion King City, deze havenstad was vroeger de hoofdstad van Bali, sinds 1960 is dit Denpasar.
We rijdenverder en komen langs diverse dorpjes en plantages, we zien veel kruidnagelbomen, en ook zien we de cacao en koffie. Maar het mooiste zijn toch de rijstvelden die we passeren. Op een gegeven moment stoppen we bij een mandarijnplantage langs de weg, daaronder zien we de rijstvelden en aan de overkant van de vallei zien we de drie vulkanen. De grootste (de Batur vulkaan) van de drie is bijna 3200 meter hoog, en de top ervan ligt nu nog in de wolken zodat we hem niet kunnen zien. Twee van de drie vulkanen zijn nog aktief, in 2000 is de laatste grote uitbarsting geweest. De Aban is de slappende vulkaan, de Angun gelegen tegen het Batur meer is ook nog aktief.
Aan de overkant van het meer ligt het dorpje Trujan, de bewoners behoren tot een bergstam, in heel Bali zijn er nog twee van deze traditionele dorpjes te vinden. Het zijn niet de vriendelijkste mensen eb toeristen willen ze al helemaal niet zien. Het dorp is alleen per boot bereikbaar. De overledenen uit het dorp worden per boot naar de overkant van het grote meer gebracht en daar in een gat in de open lucht onder de heerlijk ruikende bomen begraven. De lijken vergaan niet, de eventuele lijklucht ruik je ook niet vanwege de sterk overheersende geur van de bomen.
We gaan verder onderweg om het grootste tempelcomplex van Bali te bezoeken, de Besakih tempel. Dit complex bestaat uit 33 tempels. In het heiligste gedeelte van de tempel mogen we niet komen, dit is alleen toegankelijk voor gelovigen. We beklimmen vele trappen en lopen rondom het grote tempelcomplex. Opvallend is hier het grote aantal zwerfhonden. Het lijkt hier dan ook wel een restaurant voor hen, zij eten alles op wat er in de offerbakjes ligt.
Nadat we de empels hebben verlaten gaan we lunchen in Taman Tirta, halverwege een berg vinden we daar een prima restaurant waar we ons tegoed doen aan het buffet. Hier proeven we voor het eerst de zwarte rijst met olie en cocos.
We rijden verder naar Klungklung, hier bezoeken we het paleis en de rechtzaal.In deze plaats kun je nog de invloeden van de Nederlandse overheersing zien van 1908 tot 1942. We gaan de rechtbank in en zien de stoelen waar de rechter, de priester en de bodes zaten tijdens een zitting. De verdachte zat naast de tafel op de grond. Het plafond van de overkapping vertoont de afbeeldingen van de straffen voor de misdaden. Dit is puur symbolisch om de mensen af te schrikken zodat zij geen misdaden zullen begaan. We zien de straffen voor het laten van een wind tot het plegen van overspel. Tot 1942 is er recht gesproken in deze rechtszaal.
De rechtbank behoorde van origine tot een complex waarop ook het paleis stond. Tjdens een grote brand is er niet veel meer overgebleven behalve de rechtbank en de pilaar ter ere van de Indonesische verzetstrijders.
We brengen nog een bezoek aan het nieuw gebouwde museum waar we veel voorwerpen zien uit de koloniale tijd.
Als we het terrein verlaten zijn we getuige van een optocht, deze mensen lopen allemaal in optacht gekleed in hele mooie kleding. Zij komen juist terug van een crematie. De as wordt op een draagbaar meegedragen en naar het huis van de overledene gebracht. Hier blijft het 12 dagen en dan wordt het lichaam terug gegeven aan de zee.
Onderweg rijden we in de file en hoe dichter we bij Legian komen, hoe drukker het wordt. Uiteindelijk komen we aan in het Mandira Bali Resort. Een prachtig resort met 197 kamers, twee zwembaden (waar je helaas na 5 uur 's avonds niet meer in mag) en restaurants a la Van der Valk. De kamer die we krijgen is mooi maar via het raam dat niet open kan kijken we op een dak. We besluiten tijdens het drinken van ons welkomstdrankje dat we hier zo snel mogelijk weg willen en gaan naar onze kamer om Ramatours te bellen. Ester vindt het heel sneu voor ons en probeert iets te gaan regelen. We hebben het geen van allen naar ons zin hier en lopen even later Legian in om een hapje te gaan eten. Bars, winkels en restaurants in overvloed. Veel te hectisch voor ons. Terwijl we aan het eten zijn belt Ester met de mededeling dat we morgen een transfer krijgen naar een ander rustiger hotel.

vrijdag 9 mei 2008

Dolfijnen bij Lovina



Woensdag 7 mei.


Vandaag weer een lekkere vrije dag. De wekker loopt af om 04.50 uur en nadat we echt onze ogen open hebben kleden we ons na een snelle douche aan. Om 05.25 uur melden we ons zoals afgesproken bij de receptie. Nadat we daar een half uur hebben gezeten lopen we langs het zwembad naar het strand waar er een aantal vlerkprauwen klaar liggen. Er blijken 2 boten te weinig te zijn dus we moeten nog tien minuten wachten voordat we kunnen vertrekken.
De schipper vaart als een van de laatste bootjes met ons de zee op, we gaan op zoek naar dolfijnen. Onderweg genieten we van de opkomst van de zon.
Na een 20 minuten te hebben gevaren zien we de eerste dolfijnen. Ik tel zo'n 30 bootjes om ons heen met allemaal toeristen aan boord (max. 4 per bootje). Als er ergens dolfijnen te zien zijn schieten de bootjes er op af. Een komisch gezicht.
We varen zo'n anderhalf uur rond en regelmatig zien we dolfijnen om ons heen, soms echt vlak naast de boot. Delano staat voorop als er een dolfijn voor hem uit het water springt. Volgens Marjo zat er nog geen 20 cm. tussen. Soms zijn het kleine groepjes maar af en toe zie je ook een groepn van zon'n 20 dolfijnen voorbij komen en vlak naast ons springen. Ik probeer zo goed mogelijk te filmen en Marjo maakt mooie foto's.
Nadat we even over half negen terugkomen gaan we naar het ontbijt buffet in het restaurant en daarna plonzen we lekker het zwembad in. Daarna op een ligbed onder een parasol een boekje lezen cq. in slaap vallen, het lijkt wel of we vakantie hebben.
In de poolbar drinken we een lekker glas juice en eten aan de bar in het water onze lunch.
Na nog even gezwommen te hebben ga ik terug naar onze kamer om met de laptop op de veranda mijn dagboek bij te werken. Pa en ma lezen een boekje en Marjo zit ook haar schrijfwerk voor vandaag te doen, ze zit lekker in het prieeltje dat voor onze kamer in het gras staat.
's Avonds lopen we de poort uit van het hotel en gaan wandelend richting Lovina. Onderweg komen we langs Spice Dive een restaurant waar je heerlijk vis kunt eten. We lopen richting het strand en de tafel en stoelen worden daar voor ons neergezet. We bestellen onze drankjes en zoeken een lekkere red snapper uit de menukaart. Net als we onze drankjes voor ons hebben barst er een tropische bui los. We pakken onze glazen op en sprinten naar een overkapping waaronder voor ons een nieuwe tafel gedekt wordt. Pa en Delano moeten even later naar het toilet, als we vragen waar deze is krijgen ze van de ober een paraplu mee, ze moeten dus buitenom door de hoosbui heen naar de toiletten.
We eten heerlijk en drinken daarna nog een lekker bakkie.

Lovina








Dinsdag 6 mei.




Na het ontbijt bel ik de receptie dat onze kofers opgehaald kunnen worden. Wij beklimmen voor de laatste keer de trappen van het Bali Spirit op weg naar de lobby.
Daar staat onze reisleidster van vandaag ons op te wachten. Haar naam is Sri en met haar gaan we nog 2 dagen toeren (tijdens de transfers) op Bali.
Ze vraagt wat het programma voor vandaag is en nadat ze het heeft gelezen schiet ze in de lach. Het programma zoals het voor ons is samengesteld door Ramatours is niet haalbaar in 1 dag, de afstanden zijn daarvoor te groot. We passen de route aan en gaan toch mooie dingen zien vandaag.
Als eerste gaan we naar de apenjungle "Alas Kedaton" in Mengwi. Hiet lopen we door het bos en zien weer heel veel makaken, er leven hier 3 groepen melk elk hun eigen leider. Aan het einde van de route zien we ook hier nog tientallen kalongs in de bomen hangen. Als we het bos uitkomen zoeken we onze bus weer op en gaan weer onderweg.
We stoppen bij de prachtige vlindertuin waar Delano weer prachtig wordt versierd met vlinders. Marjo en ik houden ook nog even de wandelende takken die hier enorm zijn vast, maar daar begint Delano niet aan.
Hierna rijden we hoger de bergen in en maken een paar fotostops bij de prachtige rijstvelden. We lunchen bij een groot restaurant met uitzicht op de sawa's.
Als we nog aan tafel zitten begint het te hozen van de regen, dit blijkt ater een tropische bui te zijn die de hele middag duurt.
Gewapend met paraplu's bezoeken we de in het Bratanmeer gelegen tempel Pura Ulun Danu. In dit complex vinden we vier tempels die zijn gewijd aan de godin van het meer.
Dit complex is ook heel bijzonder omdat je hier het hindoeisme, boedhisme en ook de moskee van de moslims op 1 terrein vindt!
In de stromende regen lopen we terug naar de bus en gaan onderweg naar de twin waterfall van gitgit. Hier klimmen we de door de regen glad geworden trappen en paadjes op en af en komen uiteindelijk bij de mooie waterval. Aan de voet van de waterval kunnen we bijna geen foto's maken, het is al een kunst om je camera hier droog te houden.
Een jongen en meisje staan hier kettingen te verkopen en we kopen een partij, leuk om uit te delen op school als Delano gaat trakteren.
We stappen na een steile klim terug weer in het busje en vervolgen onze weg richting Lovina. In Lovina zelf stoppen we even bij de ATM om geld te pinnen en zijn er getuige van dat een jongen met zijn scooter over een overstekende hond heen duikt en een flinke smak maakt. De kip die hij vasthad en heeft losgelaten tijdens zijn val gaat er kakelend vandoor.
We rijden door Lovina heen en komen aan bij ons hotel voor de komende 2 nachten, het Aditya Resort. Hier hebben we twee super de luxe kamers die bijna op het strand staan. Er zit aleen een gazon van ongeveer 15 meter tussen.
Binnen 10 minuten ligt Delano al in het mooie zwembad. Want zo hard als het in de bergen regende zo heerlijk is het weer hier.
's Avonds eten we in het restaurant van het hotel, er is vanavond een voorstelling van Balinese dans. Het eten smaakt goed, je hebt ook wel behoorlijke trek als je er anderhalf uur op zit te wachten. De dans stelde niet zo heel veel voor.
Na het eten gaan pa en Marjo in de lobby reserveren om morgen naar de dolfijnen te gaan kijken.
We gaan maar snel naar bed om morgen om 05.00 uur op te staan. We moeten om 05.30 uur vertrekken.

Ubud, monkey forest



Maandag 5 mei.


Vanmorgen na een voor zo'n luxe hotel eenvoudig ontbijt (juice, toast and scrambeld eggs en jam) zijn we om 10.00 uur met de shuttle bus van het hotel naar Monkey Forest in Ubud geweest. We zijn verbaasd over het grote aantal apen (makaken) die we nu in dit stuk bos tegenkomen. Het zijn er veel meer dan 3 jaar geleden. Als we op een open plek in het bos komen loopt daar een oppasser die net een paar cocosnoten neergooid voor de dieren. De apen komen hier op af en beginnen lekker te eten.
Delano gaat even zitten en even later zit er een kleine makaak op zijn schouder en kroelt helemaal tegen hem aan. Delano durft zich haast niet meer te bewegen en op een gegeven moment begint het diertje hem zelfs te vlooien. Even later als we een stukje verder gelopen zijn ga ik even zitten om foto's te maken. Er komt een aap bij mij op schoot zitten die aan mijn armband gaat trekken. Omdat ik die liever heel wil houden doe ik mijn arm omhoog. Hij is het daar niet mee eens en grijpt razendsnel naar mijn oorbel en rukt deze uit mijn oor en gaat er van door. We proberen van alles om het beestje te laten schrikken maar hij blijft vrolijk op mijn oorbel zitten kauwen. Delano en opa lopen naar beneden om de oppasser te gaan roepen. Deze komt even later samen met een collega aanlopen en maakt de aap aan het schrikken. Hij vliegt er van door maar laat gelukkig eerst wel mijn oorring vallen. Na even zoeken hebben de heren hem weer gevonden en even later kan ik hem weer inclusief een paar kleine afdrukjes van apentandjes in mijn oor doen.
In het bos staat ook nog een tempel die momenteel gesloten is voor de toeristen omdat er ceremonies aan de gang zijn. Naast de tempel horen we veel geschreeuw en gedoe dus we gaan even kijken. Er blijken hanengevechten aan de gang te zijn. Rondom de open plek waar een heleboel Balinezen heel hard aan het roepen en schreeuwen zijn, overigens met stapel geld in hu handen, staan de manden met daarin de hanen klaar. Oma en Marjo willen hier geen getuige van zijn maar opa en Delano gaan wel even kijken. Ik blijf wat achteraf staan en vindt het goed als Delano even met opa mee gaat om te kijken wat er gebeurd. Hij kan dan met eigen ogen zien hoe walgelijk dit is. Aan de poten van de hanen worden vlijmscherpe scheermesjes gebonden. Ik sta er bij als er een haan met bloederige kop en poten ontdaan wordt van de mesjes aan zijn poten. Nu vindt ik het genoeg voor Delano en roep hem terug.
We zoeken Marjo en oma weer op en gaan het bos uit om een stukje door Ubud te lopen. We bekijken wa winkeltjes en Delano koopt voor zijn grote liefde Beau een mooi klein doosje met deksel gemaakt van hele kleine kraaltjes. Later koopt hij ook nog een leuke ketting voor haar die hij in het doosje stopt.
Als we voorbij het "VVV" komen gaan we naar binnen om te informeren waar we de straat kunnen vinden even buiten Ubud waar de kunstenaars hun schilderijen verkopen in de galeries. Ik wil namelijk terug naar de zaak waar ik 3 jaar geleden hele mooie schilderijen heb gezien. De man begrijpt precies wat we bedoelen en regelt een chauffeur die ons voor rp. 50.000 heen en terug zal brengen. De chauffeur brengt ons echter naar de verkeerde plek en heeft geen zin om verder te rijden om ons bij het juiste atelier te brengen. We zeggen hem dat hij ons dan maar terug moet brengen naar het Bali Spirit hotel, hij knik instemmend. Even later vraagt hij hoeveel wij hem daar extra voor gaan betalen. Hij zegt dat hij moet omrijden, maar dat is niet waar. Als we voorbij het hotel zijn gereden krijgen we een pittige discussie met hem en uiteindelijk loopt dat zo hoog op dat pa tegen hem zegt dat hij de auto moet stoppen en dat wij niet meer met hem verder willen rijden. Als ik hem bij het uitstappen 30.000 rp. geef wordt hij woedend en roept zelfs de politie er bij. Omdat ik helemaal geen zin het om voor 1,5 euro een partij ellende te hebben betaal ik hem uiteindelijk nadat ik hem flink de waarheid heb verteld de 50.000 rp.
We gaan dus nu terugwandelen naar het hotel, volgens het personeel 15 minuten, dit blijkt bijna anderhalf uur te zijn. Maar we lopen langs leuke winkeltjes en kopen nog mooie gevlochten mandjes en een heel mooi schilderij. Dus de wandeling was niet voor niks.
Aangekomen in het hotel duiken we lekker het zwembad in en nemen na ons aangekleed te hebben de shuttle van 18.00 uur terug naar Ubud. daar eten we weer lekker bij River View en gaan daarna weer terug naar het hotel. De koffers moeten namelijk weer in orde gemaakt worden voor de trip naar Lovina morgen.
Aangekomen in onze kamer zijn de bedden al voor ons open geslagen, brandt er weer iets in een houten pot tegen de muggen en ook de schemerlampen zijn aangezet en de gordijnen al voor ons dicht gedaan.

zondag 4 mei 2008

Weer terug op Bali.

Zondag 4 mei.

Gelukkig hebben we vannacht allemaal wat beter kunnen slapen. Het ontbijt staat weer vroeg voor ons klaar. Om 07.45 uur gaat het anker weer omhoog en en beginnen we aan de terugreis naar Lubuan Bajo. Onderweg stoppen we nog even zodat opa en Delano nog even kunnen snorkelen.
Als we aankomen in de haven maken we nog even samen met de crew op de foto en even later gaan opa en Marjo met alle koffers vast naar het vliegveld. De rest stapt in als de wagen weer leeg terugkomt in de haven. Aangekomen op de luchthaven gaan we inchecken. Wederom is onze bagage te zwaar en moeten we 250.000 rp. bijbetalen. Ik ben niet van plan om dit gehele bedrag te betalen en ga het de man achter de balie in de clinch. Er is namelijk voor Delano een ticket voor een volwassene geboekt en hier hebben we dus al extra voor betaald. Ik wil dat het prijsverschil van de ticket van het bedrag wordt afgehaald. Het duurt uiteindelijk 3 kwartier maar dan betaal ik uiteindelijk 150.000. Het is even volhouden maar dan bereik je toch iets.
Wel moeten we erg lachen als iedereen die incheckt met handbagage op de weegschaal moet gaan staan. Het gewicht van alle passagiers en bagage wordt bij elkaar opgeteld zodat ze weten hoeveel gewicht er aan boord gaat.
Later begrijpen we waarom dit gebeurd, we gaan namelijk met een fokker 50, een 2-motorig propellorvliegtuig, waar maar 48 passagiers in mee kunnen terug naar Bali.
Het vliegtuig stijgt om 12.20 uur op en anderhalf uur later landen we weer in Denpasar. Ondanks dat onze vlucht gewijzigd was staat er toch keurig een chauffeur op ons te wachten die ons naar het hotel Bali Spirit in Ubud brengt.
Onderweg beleven we haast een cultuurschok als we over het drukke Bali rijden in plaats van het eenvoudige Flores. Als we aankomen in het hotel wordt dit nog extra bevestigd, wat een luxe. We voelen ons hier vips, genant gewoon. We worden ontvangen in een hele mooie lobby waar we een welkomstdrankje krijgen. Even later worden we naar onze zeer chique kamers gebracht. Nog geen 10 minuten later ligt Delano al heerlijk in het zwembad, gelegen in de prachtige tuin onder onze kamers.
Hij kan nog lekker even een uurtje zwemmen en moet zich daarna aankleden zodat we met de shuttle van 6 uur naar Ubud kunnen. Hier eten we in een restaurant waar we vanonder onze bamboe prieel met uitzicht op de rivier een lekkere maaltijd voorgeschoteld krijgen.
Na het eten lopen we nog even de hoofdstraat van Ubud door en bekijken wat winkeltjes en kopen een paar cd's.
Om 20.20 uur nemen we de shuttle terug naar het hotel en plonzen nog even het zwembad in, helaas is de poolbar al dicht.

Komodo




Zaterdag 3 mei.

Na een broeierige nacht aan boord van de Sea Star, ik heb zelf bovendeks geslapen, staat voor zevenen het ontbijt al klaar. We zijn nog maar amper klaar met eten of de kapitein start de motoren en het anker wordt gelicht.
We gaan onderweg naar het eiland Komodo. Daar aangekomen worden we voorgesteld aan onze ranger van vanmorgen, zijn naam is Rino. We gaan een wandeling van een kleine twee uur maken over het eiland. De zon staat hoog en het is heel benauwd. We horen om ons heen veel vogels maar behalve een kraai (ziet er in een palmboom toch anders uit dan thuis), wat duiven en twee kaketoes zien we niet veel. Wel komen we onderweg wat wilde zwijnen tegen. De orchideeen die hier tegen de boomstammen aan groeien zijn wel erg mooi. Aan het einde van onze wandeling als we weer dichter naar zee lopen vliegt er wel een grote visarend boven ons, helaas had Marjo niet de goede lens op haar camera staan.
Ook hier vinden we net als op Rinca bij de huizen van de rangers enkele varanen.
We gaan weer terug naar de boot, we hebben het allemaal heel erg warm. Pa, ma en Marjo gaan met de volgboot en Delano en ik trekken onze kleding uit en zwemmen terug naar boord.
De motoren worden weer gestart en we varen een klein stukje naar red sand beach. Hier kunnen we weer heel mooi snorkelen. Op het strandje zien we dat het zand ook echt rood is. Onder water zien we hele grote en ook heel veel vissen. We zwemmen weer naar boord en even later varen we verder naar een ondiep gedeelte waar we enorm grote roggen (manta roggen) zien. Indrukwekkend om te zien als er een aantal van die deurmatten van een 2 meter breed vlak langs het schip zwemmen.
We vervolgen onze route naar de mangroves voor de kust van Komodo, hier zien we tegen de schemering de kalongs overvliegen met honderden tegelijk.
Het diner wordt opgediend, ik heb besloten dat ik de kok aan boord mee naar Nederland wil nemen, wat kan dat ventje heerlijk koken.
We zijn allemaal moe geworden van het wandelen, zwemmen, snorkelen en de zeelucht zijn we allemaal gaar geworden en liggen we voor tienen in bed. Gelukkig is het vannacht minder benauwd en kunnen we allemaal in de grote hut beneden slapen.

Varanen op Rinca





Vrijdag 2 mei.



Vanmorgen nog even gekletst met Judith en Ingrid van het Golo Hill Top hotel. Na het ontbijt rekenen we af voor de hapjes en de drankjes van de laatste 2 dagen en ook de was is door de dames verzorgd.
Theo is er om 08.15 uur en gaat met de chauffeur vast de koffers aan boord brengen om straks terug te komen om ons op te halen om ook aan boord te gaan. Na het ontbijt nemen we afscheid van de nederlandse dames en gaan onderweg naar de haven van Lebuan Bajo. Daar staat de bemanning van de Sea Star al op ons te wachten. We hebben een schipper, scheepsknecht en kok totonze beschikking voor de komende 2 dagen. Er blijkt geen cola aan boord te zijn dus stap ik weer in bij de chauffeur en we rijden naar het dorp om nog even frisdrank te gaan kopen.Terug aan boord gaan de blikjes in de koelbox (=een piepschuim bak met deksel met daarin zakken ijs) en worden de trossen los gegooid.
We beginnen aan de 2 uur durende tocht naar Rinca. Als we langs het eiland varen zien we al een hert op een heuvel onder een boom staan. Onderweg is er weinig tijd om te relaxen, steeds moeten we weer nze camera's pakken, je blijft hier foto's maken. Als we Rinca verder naderen heb ik het gevoel van een kind dat voor het eerst op schoolreis gaat, het is spannend.
Aangekomen bij de steiger waar de boot wordt afgemeerd klimmen we over 2 andere schepen heen naar de wal. Het is een kleine 200 meter lopen naar het kantoortje waar we ons als bezoeken moeten inschrijven. Theo en de kapitein lopen voor en achter ons gewapend met stokken om ons te beschermen. Als we ons hebben ingeschreven komt een ranger ons ophalen en gaat met ons het eiland op. Theo verteld de gids dat ik bang ben voor slangen, hij reageert hier lachend op en zegt tegen me dat hij een slangetje heeft waar ik zeker niet bang voor zal zijn. De rondleiding begint gezellig. We lopen voorbij de souvenir-shop, de cafetaria en de guests-houses. Daarna komen we bij een paar huisen op palen waar de rangers wonen. Onder en naast de huizen zien we de eerste Komodo varanen. We zijn onder de indruk van deze zoals ze ze hier noemen "dragons". We lopen verder met de gids het eiland rond. Na een stukje gelopen te hebben komen we hier ook een varaan tegen, het is een dame van ongeveer 25 jaar oud. Zij is wat aan het graven in een oud nest. De Komodo varanen leggen hun eieren in een gat dat zij hiervoor hebben gegraven. Daaromheen maken ze meerdere gaten, dit om slangen en andere varanen te foppen. Zij bewaakt alle gaten goed en valt aan als er iets of iemand in de buurt komt. Een mannetje heeft meerdere (meestal 3) vrouwtjes voor wie hij de eieren moet bevruchten. De eieren worden in september gelegd en komen in april uit. De kleine varanen moeten snel uit hun ei de boom in klimmen om bescherming te zoeken, Doen ze dit niet dan worden ze of door hun moeder of door andere dieren opgegeten. De jongen blijven de eerste 3 tot 4 jaar in de boom zitten en leven dan van insekten, vogeltjes of kleine slangen. Boven in de bomen zijn ze veilig voor hun soortgenoten, zij zijn te zwaar om in de bomen te klimmen.
We vervolgen onze wandeling en stuitten niet veel verder op de eerste groep apen, het zijn makaken. De apen gaan er vandoor en wij lopen verder. Als de gids even verderop bij een palmboom stopt blijkt daar de eerste slang te zien te zijn. Het is een klein, dun knalgeel niet gevaarlijk Zonder dat ik het wist heb ik dus een slang staan filmen.
Tussen de bomen door lopen we verder over een groene heuvel op het eiland. Als we naar benden lopen zien we weer een groep makaken, ook deze gaan ervandoor als ze ons zien. Even later horen we dat de beesten ruzie hebben en is het gekrijs enorm. We wandelen weer terug naar de post van de rangers.
Als we er bijna staan gaat de stok van de ranger naar de grond en gaan we langzamer lopen. We moeten bij elkaar blijven lopen omdat dit het gedeelte blijkt te zijn waar de cobra's huisvesten. Ik wordt even iets minder blij maar heb alle vertrouwen in onze begeleider, ik blijf erg dicht bij hem in de buurt. Zonder kennis te maken met de cobra bereiken we d huizen van de rangers.
Hier maken we nog een paar mooie foto's en zien hoe er 2 exemplaren even ruzie hebben. We lopen hierna langs de mangroves terug naar de boot.
De kok heeft een lekkere lunch voor ons bereid en omdat het inmiddels al 14.00 uur is hebben we daar ook wel trek in. Na het eten varen we een klein stuk van het eiland af en gaan snorkelen. Hier zie ik het mooiste koraal dat ik ooit heb gezien, de kleuren zijn prachtig en de vissen ontelbaar in soort en aantal. We hebben helaas maar een uur want we moeten door naar de mangroves van Komodo om daar het uitvliegen van de kalongs (vliegende honden) te zien.
Als we bijna op de plaats van bestemming zijn fotograferen we de prachtige zonsondergang. Dan roept de kapitein ons ineens, er zwemmen dolfijnen rond de boot. Het is een groepje van 5, waaronder 1 kleintje. Ze spelen met de boot en de kapitein vaart rondjes. Steeds zien we de vinnen en de kleine maakt een sprong boven water. Voor de boeg van het schip zwemmen er twee grote tegen de romp van het schip aan met ons mee. Filmen lukt wel maar foto's maken is heel lastig. Mijn vakantie kan nu al niet meer stuk. Ik maak een dansje op het voordek.
Nog maar een paar honderd meter verder zien we de kalongs over het water vliegen, een indrukwekkend gezicht om de tientallen dieren over te zien vliegen.
We zitten heerlijk bovenop dek en het diner wordt opgediend.
Hierna gaan we de foto's van vandaag bekijken en opnieuw worden we blij, we hebben mooie platen gemaakt.

Een vrije dag.



Donderdag 1 mei.


Vandaag hebben we een vrije dag, daar waren we ook wel een beetje aan toe merken we nu. De was hebben we weggebracht en wordt voor ons gedaan. In de ochtend luieren we lekker wat en ´s middags gaan Marjo en ik naar Lubuan Bajo om naar het internet cafe te gaan. We lopen de stoffige weg naar de hoofdweg en nemen een local bus naar het dorp. Samen worden we voor het bedrag van 5000 rph afgezet voor het internet cafe. De verbinding is erg traag, en regelmatig wordt deze ook verbroken. Het lukt door de trage verbinding niet om foto´s te uploaden, ik kan wel nog net mijn verslag op de blog zetten en de reacties die gestuurd waren lezen.
Na het internetten doen we nog een paar boodschapjes en zoeken weer een busje dat ons kan terugbrengen naar het hotel. De eerste chauffeur vraagt 50.000 per persoon, we lachen hem uit en houde de volgende aan. Bij deze mijnheer hebben we meer succes. Voor 15.000 brengt hij ons naar de deur van het hotel.
´s Avonds gaan we de koffers reorganiseren, morgen gaan we aan boord om aan het hoogtepunt van onze reis te gaan beginnen, we gaan naar Rinca en Komodo.

Rijstvelden spiderweb



Woensdag 30 april.


Vanmorgen afscheid genomen van de nonnen in Ruteng en bezoeken onderweg even buiten Ruteng het originele dorpje Ruteng Puu. In het midden staat de Ruteng boom op de offerplaats. Deze boom is het middelpunt van het dorp, in het huidige Ruteng is dat hetzelfde, midden inhet dorp staat ook de Ruteng boom. Onder de boom wordt 1 keer per jaar een stier geofferd, het bloed van de stier laten ze dan over de voet van de boom stromen. Zonder bloed geen leven. De huisjes op palen hebben ronde puntdaken. De daken hebben 7 spanten en zijn bedekt met palmbladeren. Als de dorpelingen het dak op een huis gaan maken moet dit volgens de traditie binnen 3 dagen gereed zijn. Op elk dak van de huizen zien we ook de nagemaakte horens van de stier, dit straalt kracht uit. We lopen langs alle huisjes, onder 1 ervan staan de varkens, ze knorren driftig, hebben net eten gehad.
We rijden vanuit het dorp verder berg op berg af via slingerende wegen.
We komen bij wederom een traditioneel dorpje, wel 5 huizen hier. De bewoner van een van de huisjes is een kennis van de gids en laat de traditionel wapens zien, ze zijn gemaakt van bamboe en buffelhuiden. Ook de bijbehorende muziekinstrumenten hangen in het huisje op. Achter het huis klimmen we een paar honderd meter via een smal paadje een heuvel op vanwaar we een mooi uiticht op de rijstvelden. Deze rijstvelden zijn aangelegd in de vorm van spinnenwebben, vanaf boven kunnen we de vormen goed zien. Er liggen 13 van deze rijstvelden tegen elkaar aan.
Nadat we de warme heuvel zijn ontvlucht gaan we de bus weer in om onze tocht naar Labuan Bajo te vervolgen. Het laatste stuk weg is wederom niet best.
Het hotel voor de komende 2 dagen staat boven op een heuvel net buiten Labuan Bajo. We worden ontvangen door Ingrid, zij runt samen met haar vriendin Judith en hun beider echtgenoten dit hotel. We krijgen twee kamers helemaal bovenop. De vier trappen die we elke keer op moeten zijn erg steil, maar het uitzicht maakt dit helemaal goed.
We zijn allemaal gaar van de lange rit in de bus en nemen eerst op het terras een groot glas juice. Daarna gaan we onze zwemspullen pakken en lopen we de berg naar het strandje bij de vissershaven. De troep hier in het water en ook op het strand ligt enorm veel afval. Tussen de troep vindt Delano toch nog 2 mooie schelpen. Na een uurtje gaan we terug naar het Golo Hill Top hotel, waar we lekker patat met mayonaise eten. We gaan na het eten nog lekker even op de veranda van onze kamer zitten. We luisteren naar de vogels die we om ons heen horen. Ook de gekko´s maken er een gezellige boel van. Later vluchten we uit de vochtige warmte de kamer in, lekker bij de airco.

donderdag 1 mei 2008

Eindelijk internet.

Eindelijk zijn we dan online. Het heeft even geduurd.
Zoals jullie kunnen zien heb ik alleen mijn dagboek op de blog geplaatst. We zijn blij dat we een keer online zijn en kunnen helaas geen foto's toevoegen omdat de verbindingen veel te traag zijn.
Gisteren zijn we aangekomen in Lubuan Bajo, aan de westkust van Flores. We logeren in het Golo Hill Top Hotel, we hebben een prachtige kamer boven op een heuvel(hoe zouden ze ook aan de naam van het hotel gekomen zijn?).
Marjo en ik hebben een stuk moeten lopen naar de mainroad en zijn daarna ingestapt in het local transport en zitten nu in Lubuan Bajo in het internet cafe. De eerste keer dat we het op Flores meemaken dat er een internetverbinding is.
Vandaag hebben we een rustdag, daar waren we ook wel een beetje aan toe. Het is toch wel vermoeiend in deze hitte zoveel te reizen over zulke slechte wegen. Maar mij hoor je niet klagen hoor, ik had dit voor geen goud willen missen. Het is niet te bevatten wat wij allemaal beleven.
En het spannendste moet nog komen. Morgen gaan we aan boord van de Bintang Laud en gaan we eerst naar Rinca en de volgende dag gaan we naar Komodo.
We hopen heel mooi te gaan snorkelen en we schijnen ook regelmatig dolfijnen tegen te komen, mijn hoepel ligt al klaar. Verder gaan we natuurlijk voor de komodo-varanen, de schildpadden, apen, herten, zwijnen, veel vogels, waaronder misschien de zee-arend. Minder is dat er ook 12 soorten slangen voorkomen, gelukkig zijn er maar 3 soorten giftig, ik heb de plaatjes al bestudeerd!
Nadat we vrijdag in de ochtend van boord af komen gaan we per vliegtuig terug naar Bali en daar zullen we hoogstwaarschijnlijk een betere verbinding hebben. Probeer ik meteen ook foto's op de blog te plaatsen.
Vanaf hier de groetjes aan iedereen, en bij deze de mensen die allemaal leuke reacties hebben geplaatst of een sms-je hebben gestuurd, allemaal dankjewel.

Een dikke kus.

Linda en ook namens Leo, Hennie, Delano en Marjo.

Ruteng


Dinsdag 29 april.
Vanmorgen zijn we om 08.45 uur vertrokken uit Bejawa. Theo vraagt of ik alsjeblieft mijn reistablet wil innemen omdat we 37 kilometer over slingerwegen de bergen uit gaan rijden. De omgeving is weer heel groen en ook passeren we de mooie sawa's, jammer is het alleen dat we er weinig van kunnen zien door de dichte mist.
Als we in het zuiden van het eiland komen en de kust weer hebben bereikt gaan we even langs het strand wandelen, deels omdat Delano een beetje misselijk is geworden. We geven hem ook maar een half reistabletje. Na een korte wandeling stappen we weer in het busje een rijden dan een klein stukje verder naar Aimere (dit betekend groot meer). In dit dorp waar de meeste inwoners afkomstig zijn van Sulawesi verdient men de kost door de bereiding van de arak (=palmwijn). We gaan bij een gezin thuis kijken hoe dit traditionel palmwijn proces werkt. Onder een afdak naast het huisje staat een grote pot met een vuurtje eronder, de mensen moeten er voor zorgen dat dit vuur dag en nacht blijft branden. De pot wordt gevuld met de melk uit de bamboe en ook bast wordt in de pot gedaan, deze zorgt er namelijk voor dat er alcohol vrijkomt. Het vuur onder de pot wordt opgestookt en de palmmelk verdampt. De damp wordt via de pijp op de pot afgevoerd via een lang stuk bamboe naar een jerrycan. Dit proces wordt drie maal herhaald en uiteindelijk heb je dan de arak met 80% alcohol. We proeven uit beleefdheid een klein slokje, erg pittig spul. De oma van deze familie heeft van palmbladeren mooie mobiles gemaakt en we kopen er een paar (per stuk 20.000 rph.). Na vertrek rijden we een paar dorpjes verder om te gaan luchen in een klein lokaal restaurant. We eten lekker en kopen , maar weer 2 flessen water voor onderweg. We moeten dan 77.000 rph. afrekenen, wat neer komt op ongeveer 5 euro voor een lunch voor 5 personen.
We vervolgen onze weg langs mooie sawa's en het naar het schijnt prachtige Ranameese Meer.
De weg gaat weer omhoog en we komen nu in het grootste regenwoud van Flores, ook dit is gelukkig nu Nationaal Park geworden, zodat dit ook beschermd wordt. In dit gebied groeien bijzondere orchideeen en andere planten, er zitten zeldzame vogels en ook wonen hier apen namelijk makaken. We gaan een stuk wandelen en genieten van de mooie omgeving, we horen de vogels, maar zien er maar weinig een ook de makaken hebben een vrije dag. Als we worden gepasseerd door een lokale bus moet Theo erg lachen. Iemand uit de bus was namelijk heel verbaasd dat wij daar liepen en vraagt aan Theo of die gekke toeristen wel goed bij hun hoofd zijn. Zij durven namelijk als de nevel zo laag hangt niet door dit bos te lopen. Zij zien de laaghangende mist namelijk als de boze geesten die naar beneden komen en daar ga je toch niet tussen lopen.
Na een heerlijke wandeling stappen we weer in de bus een rijden verder naar Ruteng. Volgens het programma zouden we overnachten in het Dahlia hotel, iets waar we niets van ginen verwachten omdat we van te voren al hadden gehoord dat dit echt 3 keer niks was. Theo heeft dan ook met zijn agent geregeld dat we de nacht doorbrengen bij de nonnen in Ruteng. Als we aankomen blijkt er 1 kamer klaar te zijn gemaakt voor ons, Theo wordt niet bij en ook wij denken het is ook altijd wat bij die nonnen. Na een poosje gewacht te hebben komt moeder overste naar ons toe en verontschuldigd zich voor het lange wachten. Zij had begrepen dat er maar 3 personen zouden komen en er wordt snel nog een kamer in orde gemaakt. Dit zijn de mooiste kamers die we tot nu toe op Flores hebben gehad en de nonnen zijn heel vriendelijk. De meisjes die hier wonen zijn ook weer helemaal gek van Delano. Als we in onze kamer zijn blijkt dat de meisjes naast onze kamer hun slaapvertrekken hebben. Delano zegt dat hij er gek van wordt maar gaat wel uitdagend in de deuropening voor de dames zitten zingen. Telkens zien we hun hoofdjes door de ramen naar hem kijken en we horen heel laat nog het gegiechel.
Om 18.30 uur komen Fielmoes en Theo ons ophalen om met ons naar een restaurant in de stad te gaan om te eten. Theo waarschuwt ons dat we hier maar beter niet in het donker over straat moeten gaan omdat dit te gevaarlijk is. Nadat we heerlijke kip in zoete saus met oranje nasi hebben gegeten brengen ze ons weer naar het schitterenden complex van de nonnen.

Bena, Boloji


maandag 28 april.
Als we vertrokken zijn op weg naar Bena maken we nog een fotostop op een locatie waar we een prachtig uitzicht hebben op de vulkaan Ineri.
We rijden verder en als we op een gegeven moment naar beneden kijken zien we het traditionele dorpje Bena liggen. De huisjes zijn gebouwd rondom de binnenplaats die opgebouwd is in 3 nivaeus. De wanden en de vloeren van de huisjes zijn gemaakt van bamboe en de puntdaakjes van palmblad. Op het middenterrein zien we ook 3 offerplaatsen en de opvallende huisjes die de man en de vrouw symboliseren. De huisjes die de vrouwen symboliseren hebben de vorm van een echt klein huisje, een teken van bezit, de vrouwen zorgen voor het huis en de overige bezittingen. Voor het symbool van de mannen zijn het rieten parasols met een hoge scherpe punten, de mannen moeten de vrouwen beschermen.
De vrouwen van het dorp zitten achter hun weefgetouwen en laten ons zien hoe de ikat op traditionele manier wordt gemaakt.
Hier kopen we een paar mooie doeken.
We gaan lunchen in Bajawa en hierna gaan we naar het volgende traditionele dorp Boloji. Hier worden we hartelijk onvangen door de bewoners en zij maken muziek voor ons en dansen daarbij. Na de voorstelling worden we uitgenodigd voor palmmelk met daarbij vers geroosterde pinda's.
De kinderen in dit dorp hebben als enige speelgoed een buitenband van een brommer en een stok. Met deze stok in hun hand rennen ze dan achter de rollende band aan. Delano wil dit ook wel even proberen en tot grote hilariteit van de bewoners doet opa het wel even voor.
Nadat er voor ons nog een muziekstuk ten afscheid is gespeeld gaan we weer terug naar Bajawa.
Na eerst nog even over de lokale markt te hebben gelopen gaan we vanavond eten bij Viktors. Het wordt een internationale avond, bij ons aan tafel schuift het duitse echtpaar aan die we al in Riung hebben ontmoet. Even later komt ook mister William from Australia (geboren nederlander) bij ons zitten. Wel even gezellig om met andere mensen te kletsen, al zit je in een 3-talig gesprek.

Wangka


zondag 27 april.
Vanmorgen na het ontbijt eerst op zoek gegaan naar de juffrouw die onze was zo netjes heeft gedaan. In totaal heeft ze voor ons 23 stuks gewassen en gestreken en bedragen de kosten hiervoor ongeveer 11 euro.
Om 9 uur worden de koffers ingeladen en gaan we onderweg. Omdat we de bergen in gaan laat de chauffeur de airco uit, zo heeft de bus meer vermogen voor de steile hellingen.
Onderweg lopen we een stuk door het National Park, een gebied dat nu gelukkig door de regering wordt beschermd tegen het kappen van de bomen en de stropers die de apen en de vogels uit de bomen schieten.
Als we verderrijden stappen we even voor het dorpje Wangka uit. Hier gaat Theo bij het huis van zijn schoonfamilie even een kaarsje neerzetten voor zijn eergisteren overleden oom. Als we verlopen naar het dorp staat de hele weg vol met mensen. De kerk is net uit en we lopen door de massa mensen verder door het dorp. Nu zijn wij debezienswaardigheid. Op een gegeven moment zie ik een meisje lopen met een mismaakt linkerbeen. Zij beweegt zich voort met een bamboestok. Ik kan het niet over mijn hart verkrijgen dat zij daar met een houten stok loopt terwijl ik in mijn koffer 2 goeie krukken heb liggen en ik hier momenteel heel goed kan lopen zonder.
Ik overleg met Theo en achter de bus onder toeziend oog van het hele dorp wordt mijn koffer open gemaakt en haal ik de krukken er uit.
Het meisje blijkt de dochter van de dorpsoudste te zijn en we gaan via een steil paadje omhoog naar zijn huisje. Het meisje wordt geroepen en ik stel voor haar de krukken af op haar lengte. Ik doe voor hoe zij er mee moet lopen en ze probeert het onder toezicht van het halve dorp dat mee naar boven is gelopen. Ze vindt het heel eng maar is er erg blij mee en begrijpt dat ze de eerste dagen goed moet oefenen.
We moeten binnenkomen voor de thee en voelen ons best een beetje opgelaten.
Nadat we afscheid hebben genomen verteld Theo mij dat hij voor de ouders van het 20-jarige meisje mijn naam heeft opgeschreven. Zij vroegen hierom zodat zij de komende 9 dagen elke avond een kaars aansteken en kunnen bidden voor geluk en gezondheid voor mij. Ze gaan de goden bedanken voor mijn komst naar hun dorp.
Veel later dan gepland rijden we door naar Soa, hier vinden we warmwaterbronnen. Deze bronnen komen uit een vulkaan en zijn zeer heet. De rest neemt een warme plons in de stroming van deze bron, ik maak er wel foto's van, mij te warm.
Later rijden we door en checken in Bajawa in in het Bintang Wisata hotel, ons adres voor de komende 2 nachten.
Vanaf het balkon van de kamer hebben we een mooie uitzicht op de vulkaan Ineri.

Riung - Bounty island


zaterdag 26 april.
Na het ontbijt rijden we naar de vissershaven van Riung. Via een dramatisch steiger komen we aan bij een vissersboot. Met deze boot gaan we vandaag op pad. Als we een kleine 20 minuten hebben gevaren meert de boot af aan een boei en laten we onsoverboord vallen om te gaan snorkelen. Het koraal dat we hier zien is adembenemend. Er zitten ook veel vissen, al zijn deze hier nog niet zo mooi van kleur. Als we verder varen meert de boot af op het strand van wat wij noemen bounty island. Het is het grootste van de 17 eilanden voor de kust van Riung.
Hier gaan we vanaf het strand snorkelen en zien hele mooie gekleurde visjes.
De bemanning van de boot bereid op een houtvuurtje op het strand een lekkere maaltijd voor ons. Onder onze parasol van palmblad eten we de heerlijke makreel met kruiden die voor ons is geroosterd.
Rond twee uur gaan we weer aan boord en koerst de boot in de richting van de mangroves. Hier boven de mangroves van 1 bepaald eiland hangen de bomen vol met kalongs, de vliegende honden. Ze slapen overdag en vliegen dus nu in de volle zon niet rond. De bemanning probeert ze door lawaai te maken op te jagen zodat we ze kunnen zien vliegen. Wij hebben liever niet dat ze hier de boel verstoren en fotograferen de dieren die toevallig wel opvliegen. Het geluid dat deze dieren maken is oorverdovend.
Jammer dat we vanwege het hoge water niet echt de mangroves in kunnen varen, dan hadden we nog veel meer dieren kunnen zien. Volgens de gids moet ik blij zijn dat we er niet in kunnen varen, hij weet iniddels dat ik niet van slangen houdt en zegt me dat er in de mangroves wel heel erg veel zitten.
We varen weer terug naar de haven en lopen langs de huizen die ook hier op palen staan terug naar ons hotel. We nemen een wederom koude douche en kleden ons weer aan om te gaan eten in ons local restaurant.
Als we daar aankomen springt net de verlichting aan. Dit dorp beschikt over een aantal zware aggregaten die alleen draaien van 6 uur in de avond tot 6 uur in de morgen. Overdag heeft men hier dus geen elektriciteit.

Kelimutu


Vrijdag 25 april.
Vanmorgen zijn we om kwart over vier opgestaan en hebben snel een zeer koude plons uit de mandi bak over ons heen gegooid, wel meteen wakker. Om 5 uur vertrokken naar de Kelimutu vulkaan, de vulkaan met het 3 kleuren meer. De 3 verschillende meren hebben de kleuren groen, bruin en zwart. Deze meren zijn ontdekt door een nederlander en volgens het verhaal hadden de meren toen de kleuren rood, wit en blauw.
Nadat we een klein uurtje heben gereden maken we een fotostop om plaatjes te maken van de mooie zonsopgang. We rijden verder en komen aan op het punt waar de de beklimming van de Kelimutu gaan beginnen. Na een behoorlijk steile wandenlig van een half uur komen we aan bij de eerste trappen. Nadat we deze hebben beklommen zien we het groene en het zwarte meer. Het uitzicht is vanaf hier al geweldig maar we beginnen aan de volgende trap de berg op. Als we ook deze 127 treden hebben beklommen blijkt dat het de klim echt waard is geweest. Nog uithijgend genieten we van het prachtige landschap om ons heen en van de meren die we nu alledrie kunnen zien.
Op de top van de vulkaan staat een mannetje die koffie en thee verkoopt. We hebben er veel bewonderig voor dat deze man dit dus 2 keer per dag naar boven sjouwt. Ma en ik nemen heel veilig thee en pa gaat heel stoer voor de local coffee. Een pittig bakkie waar je volgens pa ook nog moet kauwen.
Nadat we veel foto's hebben gemaakt en enorm hebben genoten van het uitzicht en de stilte hierboven beginnen we aan de afdaling.
Bij de bus aangekomen stappen we snel in voor de rit van een uur en een kwartier terug naar de nonnen. Bij aankomst staat er een ontbijt klaar met vers gebakken brood, cake en koekjes. Er is zelfs hagelslag. Na het eten pakken we de koffers en gaan op weg naar de eindbestemming van vandaag, het Pondok Souverdi resort in Riung.
Dankzij de primatour is er vandaag niemand wagenziek en kunnen we onderweg genieten van het landschap. Palmbomen, bananenbossen, bamboo-forest, rijstvelden, het is prachtig, al is het soms wel eng om naast de bus een diepe afgrond in kijken. Passeren de volgende plaatsen langs de kust; Ndao, Mbray, Nangaba Numba en Nangapanda. Als we een bamboo-bridge passeren stoppen we even. We stappen uit en lopen over de behoorlijk bewegende brug naar de overkant. Hier legt Theo uit over de beplanting die we om ons heen zien zoals, de eetbare bollen van de Canna, tapioca, 2 soorten koffie, gember, cacao, bananen. Ook zien de bomen met de bessen waarop de vrouwen hier kauwen, ze vermengen dit met talkpoeder en palmblad en kauwen hierop. De mond en tanden worden daardoor helemaal rood.
We rijden verder en komen weer in Ende terecht waar we stoppen om te tanken en om even wat fruit te kopen op de lokale markt. ook zien we een apotec (=apotheek) waar Marjo met handen en voetenwerk gaat uitleggen dat we tabletjes tegen wagenziekte nodig hebben. De juffrouw achter de balie snapt er niets van, gelukkig zie ik even later een doosje staan met daarop de afbeeldingen van een trein, boot, auto en vliegtuig, kan niet missen die moeten we hebben. Voor 4000 rph koop je hier dus een strip primatour, we nemen er maar meteen 3.
We rijden verder langs de zuidkust van het eiland en stoppen bij een strand met de naam "green stone beach". Op dit strand met zwart zand ligt het vol met groene kiezelstenen in allerlei maten. Heel bijzonder om te zien. We nemen een paar kleine exemplaren mee. De lokale bevolking verzamelt deze stenen om te verkpen aan de japanners, ze krijgen dan 7000 rph. per kilo.
We rijden verder en beginnen aan de oversteek naar de noordkust van Flores.
Als we verder naar het noorden gaan verandert het landschap om ons heen, het is hier veel droger, geen palmbomen of bananen meer. De weg naar Riung is een drama, er wordt wel hard gewerkt aan een nieuwe weg maar daar hebben wij niets aan.
Als we bijna in Riung zijn zien we aapjes op de weg, zij komen 's avonds de bergen af om in de mangroves vis te vangen.
Na het inchecken in het hotel frissen we ons op en gaan iets eten in een lokaal restaurant, er is er ook maar 1 in het dorp.
We gaan vanavond bijtijds naar bed, we zijn vandaag meer dan 13 uur onderweg geweest.

Sikka - Kowanare


Donderdag 24 april.
Vanmorgen zijn we na weer een uitstekend ontbijt met toast, pannekoeken en fruit vertrokken om 08.10 uur. We hebben een behoorlijke rit voor de boeg.
We rijden over vaak slechte wegen omdat tijdens de regentijd stukken weg gewoon wegspoelen of omdat de wegen door omlaagvallende rotsen zwaar beschadigd raken.
Onze eerste stop is bij de grote kerk in het dorpje Sika. Deze kerk is gebouwd door de eerste portugezen die het eiland aandeden. Het ontwerp is overigens nederlands. In dit gedeelte van Flores kom je veel portugeese invloeden en namen tegen.
Rondom de kerk staan er veel dames klaar om ons de ikat kleden te verkopen. Onze gids Theo zegt ons dat hij de manier van werken in Sika te commercieel vindt en we gaan dan ook niet hier de ikat weverijen bekijken. Hij wil ons deze manier van weven op de traditonele manier laten zien in een klain dorp en niet dit toeristische gedoe.
We gaan weer onderweg, maar even later zijn oma, Delano en ik flink wagenziek. Is ook niet gek met al dat gehobbel op die slingerwegen. We stoppen voor de luch in Ende, en degenen die willen eten doen dit dan ook. We gaan even een stukje wandelen en hier knappen we wat van op.
De verdere autorit zit ik met mijn ogen dicht, alleen dan ben ik ies minder misselijk, wel jammer hoor van dat mooie uitzicht om ons heen.
We komen aan bij het dorpje Kowanare, dit dorpje is bekend om zijn traditionele lionese huizen met de hoge puntige kappen gemaakt van palmblad. De chief woont niet eens in het dorp zelf en komt alleen hier heen als er een ceremonie is. Dan wordt er een koe geofferd op het altaar dat is gebouwd bovenop het graf van de man die het dorp gesticht heeft. De bewoners vinden het prachtig dat er foto's gemaakt worden en vragen of we ze willen opsturen. Als opa met de oma uit het dorp op de foto wil gaat ze er gichelend op een holletje vandoor.
We stappen weer in en rijden verder naar ons onderkomen van vannacht, het Wisma Fansiskus van de nonnen van Detusoko. Overigens geen non te bekennen, de sfeer is onpersoonlijk. De kamers zijn wel keurig en dat is het belangrijkste.
We gaan vanavond vroeg naar bed, morgenochtend om 05.00 uur moeten we namelijk al in de bus zitten.

Wurung - Mama Belgium


Woensdag 23 april.
Vanmorgen na een prima ontbijt staan klokslag 09.00 uur Theo en onze chauffeur Fiermoes ons op te wachten. Als eerste bezoeken we het dorpje Wurung, een traditioneel vissersdorp waar alle huisjes op palen gebouwd zijn. De bewoners zijn van origine afkomstig uit Sulawesi, maar gastvrij als de bewoners van Flores zijn hebben zij hier hun eigen haven en hun eigen plek op het eiland gekregen. De moslims zijn hartelijk ontvangen door de overwegend christelijke bevolking.
Delano is ook hier weer enorm populair en heel veel mensen, vooral de dames willen graag met hem op de foto. Iedereen wil weten hoe oud hij is en als we vertellen dat hij 10 jaar is zijn de mensen heel verbaasd, ze vinden hem een reus. Een meneer haalt zijn eigen zoon van ook 10 jaar erbij en hij gaat samen met Delano op de foto. Het verschil in lengte is enorm. De kinderen hier zijn veel en veel kleiner.
Een mevrouw die heeft opgevangen dat hij gisteren 10 jaar was geworden komt hem een gelukkig nieuwjaar wensen. Het is opvallend dat de mensen hier heel erg vriendelijk zijn en veel willen vertellen. De puinhoop is enorm, vuilnis ligt op straat en onder de huizen, op sommige plekken ruikt het dan ook niet zo fris. Door het hele dorp lopen ook de geiten en kippen gewoon los in, omder en om de huizen.
Op Bali kan je van de meeste mensen geen foto's maken zonder dat er om geld wordt gevraagd, hier is dat anders, als je met een camera voorbij loopt dan wordt er geraagd of je een foto wilt maken. Alleen mag je binnen in de huizen geen foto's maken, dit is prive.
De voorbereidingen voor een bruiloft op traditionele Sulawesi wijze zijn in volle gang, we worden uitgenodigd om dit mee te maken. Aangezien het nog wel uren kan duren voordat het feest begint besluiten we om toch maar weg te gaan uit dit snikhete dorp en lekker verder te rijden in de bus met airco.
We gaan onderweg naar het museum op het complex van de monniken, opgezet door de nederlandse priester Van de Velde. Deze man heeft heel veel voor het eiland en haar bewoners gedaan, hij heeft er voor gezorgd dat er hier een goed onderwijsstelsel is opgezet. Nu kunnen de kinderen op Flores van hun 7e tot hun 19e jaar naar school. Er kunnen opleidingen worden gevolgd voor zuster, leraar, priester of computer-expert. Tegenwoordig is er in Maumere zelf een universiteit.
Het museum op het terrein is ook door Van de Velde opgezet en sinds 1962 worden vondsten uit opgravingen gearchiveerd en tentoongesteld. We zien o.a. opgezette dieren, aardewerk, bamboe-muziekinstrumenten en traditionele ikat weefsels.
We rijden terug naar Maumere waar we in een local restaurant gaan eten. De tafel wordt volgezet met allerlei indonesische gerechten en natuurlijk proeven we overal van.
Na de lunch gaan we een bezoek brengen aan het tehuis van Mama Belgium. Deze vrouw heeft inmiddels op Flores 6 huizen waar ze momenteel in totaal 256 kinderen opvangt. In het huis waar wij te gast zijn worden kindren met een verstandelijke en/of een lichamelijke beperking opgevangen, momenteel zijn dit er 46. De koppies van deze kinderen maken veel indruk op mij, en als ik even naar de bus loop om wat meegebrachte spulletjes te gaan pakken moet ik even goed slikken en een paar tranen wegvegen. Je zou ze zo meenemen naar Nederland. Delano is ook heel erg onder de indruk en zegt er later het volgende over: "Ik vind het heel erg zielig dat zij hier moeten wonen. Maar mama zag je niet hoe blij ze allemaal kijken en hoe vrolijk ze zijn". We hebben de kids vandaag in elk geval blij gemaakt met de balonnen, belleblazen, schriften, pennen en het snoep. Er wordt een mooi liedje voor ons gezongen.
De leidinggevende in dit huis is Sri, een jonge vrouw die zelf als klein meisje is opgevangen in het huis van Mama Belgium, ze is hier grootgebracht, heeft een opleiding kunnen volgen en heeft nu de leiding over 3 opvanghuizen.
Schrijnend is het om te zien dat er een kleine jongen die al 8 jaar blijkt te zijn pas sinds anderhalf jaar een beetje kan lopen. Tot zijn 6e jaar was hij daar namelijk nooit in gestimuleerd. We zien een meisje van 9 maanden met een hazenlipje, hier wordt je daar dus niet aan geopereerd. Onder de indruk van dit alles vertrekken we weer.
Bij aankomst bij het hotel kleden we ons om en duiken lekker in de zee.
Ik heb denk ik toch een beetje last van de warmte en neem 2 paracetamol in. Even later heb ik ondanks dat enorme hoofdpijn, ben flink aan het braken en heb hoge koorts. Gelukkig is Marjo in de buurt, ze geeft me medicijnen, en lekkere koude natte handdoek en ruimt kost ofdat het een gezellige bezigheid is. Niets is teveel. Gelukkig val ik bij de airco op een gegeen moment in slaap. De rest gaat even eten in het restaurant. Als ik een paar uur later wakker wordt voor ik me weer een ander mens. Ik ben no wel wat bibberig maar heb wel trek in eten. Vanuit het restaurant wordt er een bordje witte rijst gebracht, heerlijk om mee te beginnen.

Delano jarig.




Dinsdag 22 april.



Als Delano eindelijk wakker wordt zingen Marjo en ik hem toe, vandaag is hij dan eindelijk 10 jaar. Nadat ook Delano zich heeft aangekleed gaan we ontbijten, het personeel van het restaurant komt hem toezingen en er wordt een mooi versierd ontbijtbord voor hem gemaakt, zelfs een kaarsje en een mooie cocktail ontbreekt niet. Na het ontbijt nemen we afscheid van het personeel en gaan naar onze kamers om de koffers weer klaar te maken voor vertrek naar het vliegveld. Om 11.00 uur staat de chauffeur klaar en worden onze koffers weer in de bus geladen. Als de chauffeur ons afzet op de luchthaven van Denpasar let hij helaas niet goed op en zet ons af bij de terminal international flights inplaats van bij domestic flights. We moeten dus met onze koffers op karren een behoorlijk eind lopen om bij de goede terminal terecht te komen.
Bij het inchecken blijken we teveel aan bagage te hebben en moeten voor 25 kilo extra gewicht 450.000 rph betalen. En dan te bedenken dat kilo's extra spullen bij ons hebben om weg te geven aan de bevolking van Flores, ik baal hier van. We lopen door naar de gate en kunnen met 45 minuten vertraging instappen in een Fokker 100 van maatschappij Merpati. We voelen dat onze reis nu echt gaat beginnen, er zijn maar weinig witte mensen aan boord. De bemanning is zeer vriendelijk en ik vertel hen dat het Delano zijn verjaardag is en hij wordt door de piloot uitgenodigd in de cockpit. Samen lopen we er naar toe en we worden verwelkomd door 2 vriendelijke piloten. Delano krijgt de pet van de gezagvoerder op en is erg onder de indruk van alle knopjes en meters die er in de cockpit zijn. De piloot legt van alles uit en verteld dat hij in 1994 in Maastricht in de opleiding heeft gezeten. Nadat we hebben genoten van het uitzicht en ik de nodige foto's heb gemaakt, bedank ik de heren en gaan we weer terug naar onze stoelen.
Dan blijkt dat we een tussenlanding op Sumba gaan maken en iedereen het toestel moet verlaten omdat er schoongemaakt moet worden. Op het kleine vliegveld (1 start en landingsbaan) gaan we naar de wachtruimte. Hier staat een moeder met drie dochtertjes steeds te wijzen naar Delano, ze blijven maar kijken en lachen, hij wordt er verlegen van. De moeder maakt met haar mobiele telefoon de nodige foto's van hem. Als we op een gegeven moment weer moeten gaan boarden willen ze hem eigenlijk niet laten gaan.
We stappen weer in en stijgen weer op voor het laatste gedeelte naar Maumere op Flores. Hier landen we op een iets groter vliegveld, er zijn hier namelijk 2 start en landingsbanen. Als we uitgestapt zijn worden we door de gastvrouw van ons hotel Sea World resort opgewacht. Als we bij het complex aankomen staat onze engels sprekende gids Theo ons op te wachten om kennis te maken. De komende 12 dagen gaan we met emop pad. We verblijven de komende twee nachten in een beach-house. Het kleine huisje dat op houten palen op het strand staat heeft 2 slaapkamers met airco en een gore badkamer met toilet, wastafel en mandi-bak. We hebben een gezellige veranda waarop we vanuit onze luie stoelen prachtig uitzicht op zee hebben. We hangen meteen de slingers weer op en nadat we de mooie zonsondergang hebben gefotografeerd nemen we een koele duik in zee.
De beheerder van het restaurant die ook Leo heet komt onze bestelling voor het diner opnemen en om 19.30 uur worden we in het restaurant verwacht. Als we al om 19.10 uur in het restaurant aankomen worden we hartelijk welkom geheten. Er staat een mooie vaas met bloemen voor hem op tafel, tussen de bloemen is een papier gestoken met daarop de tekst: "Happy Birthday Delano and many happy returns to you". Als we gaan ziten speelt het 7-mans orkest Happy Birthday voor hem. Door de barman wordt hij op de dansvloer gehaald en er wordt hem een dansje geleerd. Het diner smaakt voortreffelijk, opa en oma genieten van een heerlijke coral fish. Na het eten nemen we een kopje Flores koffie, deze is heel, heel erg sterk, maar met een flinke scheut melk is het te doen.
De hele avond genieten we van de muziek van de geweldige band, ze maken heel enthousiast muziek voor maar 15 gasten. Als opa ze een biertje geeft gaan ze daarna helemaal los. Als we weggaan komt iedereen ons een hand geven.Gewapend met onze zaklampen lopen we over het smalle paadje langs het strand terug naar onze kamers. Als opa de deur van het voorhalletje open doet maken we kennis met de eerste forse kakkerlak. Ook in de doucheruimte wandelen er twee kanjers voorbij net als ik op het toilet zit.
Om middernacht drinken Marjo en ik nog een lekkere malibu-cola op de veranda en gaan daarna ons mandje in.

Even bijkomen


Maandag 21 april.


Na heel goed geslapen te hebben gaan we ontbijten in het beach restaurant van het Gazebo. We lopen langs het mooie zwembad en komen terecht op het terras van het restaurant dat aan het strand ligt. Na het ontbijt gaan opa en Delano zwemmen,eerst in het zwmbad en later in zee.
Oma, Marjo en ik gaan Sanur in op zoek naar de pinautomaat om geld te halen. We lopen over het pad langs het strand richting het dorp en zien nu hoe Sanur in drie jaar is veranderd. Had je toen een paar shops langs het strand, nu zijn er meer dan 100 kleine winkeltjes. Ook de dames die hun spullen proberen te verkopen zien hier nu erg opdringerig. Er is een dame die ons zelfs helemaal volgt tot aan de ATM. Als we geld hebben gehaald verwacht ze dat we mee terug lopen naar haar shop, we maken haar duidelijk dat we hier niet van gediend zijn en lopen verder door het dorp. De sfeer in Sanur lijkt hier op het erg toeristische Kuta, een behoorlijke tegenvaller.
Bij de inimarket doen we wat boodschappen, we kopen een paar flessen water, blikjes fris, scheerschuim omdat opa dat is vergeten en 2 pakjes sigaretten, omgerekend hoef ik nog geen 7 euro af te rekenen.
We zoeken de weg naar het strand weer terug en wandelen terug naar het hotel. Onderweg scoort Marjo nog een mooie batik sarong en een leuke jurk, verder kopen we allebei nog een gewone sarong. Aangkomen in het hotel worden snel de badpakken aangetrokken en de snorkelspullen gepakt.
Marjo neemt haar camera mee het zwembad in om te testen of het nieuwe onderwaterhuis ook echt waterdicht is, dit blijkt gelukkig ook echt zo te zijn. Opa, Marjo en Delano gaan snorkelen in zee en oma gaat even op bed liggen. Ik haal mijn camera en mijn boek op in de kamer. Ik wandel door de tuin van het hotel en maak wat foto's. Als ik hierna op mijn zonnebed bij et zwembad een paar bladzijden heb gelezen va ook ik in slaap, misschien toch een beetje moe van de laatste weken en de vermoeiende reis?
Ik wordt weer wakker als oma op het strandbed naast mee komt zitten. We lopen naar het terras aan het strand en kijken of we de rest zien. Die zijn een eind de zee in en komenom 17.30 uur eindelijk het strand op lopen. Iets te lang gesnorkeld dus alledrie goed verbrand. Ondertussen begint het te regenen, de eerste regen die wij meemaken op Bali. De onderwaterwereld bij Sanur isprachtig en enthousiast vertellen ze wat voor vissen ze hebben gezien, Marjo heeft er mooie foto's van gemaakt. Ik heb nu spijt dat ik zo lui ben geweest en niet mee ben gegaan.
Na een cappucino in het beach restaurant nemen we een snelle douche (toch koud water) en gaan dineren. Na het diner nemen we een taxi naar Kuta op zoek naar de camera shops di hier te vinden moeten zijn. We laten ons afzetten aan de rand van Kuta en wandelen naar het centrum. In een telekomshop kopen we vast een Indonesiche simkaart voor ons mobiel, zodat de thuisblijvers ons via het 0900 nummer van de belkampioen ons voor 15 eurocent per minuut kunnen bellen. Als we overe negenen tot de conclusie komen dat we in Denpasar hadden moeten zijn, want daar wordt Nikon verkocht gaan we maar wat winkelen in een groot warenhuis. Een leuke grote zaak waar je alles kunt kopen wat je maar kunt verzinnen, behalve camera's. Het is te laat om nog naar Denpasar te gaan en nemen een taxi terug naar Sanur.
Aangekomen in ons hotel leg ik Delano op bed en wij drinken nog wat op de gezellige veranda van onze cottage. Ik ontdek dat malibu met cola toch wel erg lekker is en samen met Marjo maken we het dan toch erg laat. We versieren de kamer en de veranda met slingers, want morgen is Delano jarig.

Aankomst Bali


Zondag 20 april.
Om 07.00 uur komen we aan bij de balie van Singapore Airlines en melden ons aan voor een Sightseeing-tour door de stad. Dit is een trip per bus en de skyline van de stad bekijken we vanaf een boot. Indrukwekkend zijn de hoge gebouwen, het concertgebouw met haar bijzondere dak en het grote reuzenrad. Ook komen we langs de grootste fontein ter wereld. Een aantal keer per dag kun je naar het middelste gedeelte van deze fontein lopen en als je dan in het water steekt en je loopt met je hand in het water driemaal rond tegen de richting van de klok in brengt dit je geluk.
Nadat we de tour hebben gemaakt laten we ons met de bus weer naar de stad terugbrengen en gaan op zoek naar een nieuwe lens voor mijn camera. Het is een teleurstelling als ik merk dat deze hier nog meer kost dan in Nederland. Eigenwijs als ik ben koop ik hem dan ook niet.
Omdat we eigenlijk allemaal doodmoe zijn gaan we eerder terug naar de luchthaven Changi. Daar ploffen w op een paar lekkere stoelen neer en gaan even naar de computerhoek met free internet om nog even een email naar de thuisblijvers te sturen.
Om 19.00 uur vertrekt onze vlucht naar Denpasar op Bali. Hier landen we om 21.25 uur. Nadat we langs de immigratie zijn geweest hebben we vlot onze koffers en gaan op zoek naar de chauffeur die ons af komt halen. Deze staat keurig met een bordje in zijn hand op ons te wachten , de koffers worden in het busje geladen en hij brengt ons naar het Gazebo hotel in Sanur. Als we hier aankomen is het al tegen elven.
Na een welkomstdrankje gaan we naar onze prachtige kamers en nemen een lekkere douche. Marjo gaat lekker buiten in bad liggen. We hebben een zeer fraai afgezet tuintje met daarin een in de grond verzonken bad met uitzicht op een prachtig waterornament onder de sterrenhemel.
Nadat we opgefrist zijn gaan we nog even op de veranda van onze cottage wat drinken en gaan dan snel naar bed.